j van esch bedrijven cromvoirt

Lente - Zomer - Herfst - Winter

LENTE:

Tip: Bomenonderhoud (ook in het voorjaar en de zomer)
Bomenonderhoud is niet, zoals dit vroeger altijd werd aanbevolen, een interactiviteit. Het is zelfs wenselijk, als u bomen heeft staan waar veel dood hout in zit, om dit te doen in het voorjaar of de zomer. Er zijn ook nogal wat boomsoorten die gezien het zogenaamde bloeden (overmatige sapstroming via de snoeiwonden) zich zeer goed lenen om in de zomer te snoeien. Voor het snoeien van dood hout geldt dat men in de zomer beter kan zien of alles wel verwijderd is.

Het snoeien van bomen is een echt werk voor specialisten en deze hebben wij voor u in dienst. Wij kunnen het snoeiwerk voor u uitvoeren middels hoogwerkers van 10 tot 22 meter hoog of middels klimtechnieken. Deze snoei en of rooiwerkzaamheden worden door speciaal opgeleide boomverzorgers op een arbo-technisch verantwoorde manier voor u uitgevoerd.

Daar de werkzaamheden het gehele jaar uitgevoerd kunnen worden, kunt uzelf de komende tijd uw bomenbestand eens optisch onderzoeken of dit onderzoek door onze mensen laten uitvoeren.

Uiteraard kunnen wij deze controles (VTA) uitvoeren en vastleggen in logboeken. VTA staat voor Visual Trees Assesstment. Bij deze controles wordt de conditie van uw bomenbestand vastgelegd en hieruit kan men een prioriteitenlijst samenstellen van waaruit een plan van aanpak voor het complete bomenbestand gemaakt kan worden dit geld voornamelijk voor mensen die een groot aantal bomen bezitten.

Meer hierover op onze pagina Boomverzorging.

tip: grasvelden / gazons
Verbeteren grasmat De tijd om uw grasmat te verbeteren is nu weer aangebroken. De temperatuur ligt overdag boven de 12 graden en waardoor er weer weer voldoende grasgroei en kiemkracht ontstaat.

Voor het verbeteren van uw grasmat komen hieronder enkele tips.

Als u veel dood gras, mos en/of kruiden in uw gras heeft volg dan onderstaande stappen:

  • Behandel het gazon met chemisch goedgekeurde middelen
  • Ongeveer 7 dagen na deze behandeling moet het dode materiaal d.m.v. verticuteren verwijderd worden. Doe dit intensief maar niet te diep, verwijder het afkomend materiaal (naar u composthoop of naar een composteringsbedrijf bij u in de buurt).
  • Na het verticuteren kunt u kleine oneffenheden uit uw grasmat halen door deze uit te vullen met schrale teelaarde. Breng deze aan en egaliseer dit met een hark.
  • Nadat u uw grasmat heeft ge‰galiseerd kunt u uw grasveld doorzaaien met een graszaadmengsel dat bij u past (o.a. fijn gazon, speelgazon of recreatie- grasmengsels). De hoeveelheid die u moet gebruiken ligt tussen de 1 tot 2,5 kg per are (100 m2), afhankelijk van de situatie.
  • Na het doorzaaien kunt u een basis kunstmest toedienen. Veelgebruikt is N.P.K 12-10-18, deze bevat stikstof, fosfor en kali.
  • Na de kunstmestgift alles een keer goed beregenen. 
Geheel renoveren
Als uw grasmat zo slecht is dat er weinig of geen gras meer over is, er veel gaten of kale plekken in zijn gekomen, kunt u uw grasmat het beste geheel renoveren. Van tevoren kunt u het beste een bemestingsadvies laten maken. Hieruit komt naar voren wat u als basisbemesting moet toedienen en wat u de komende jaren als onderhoudsbemesting moet toedienen om een goede grasmat te krijgen en te houden.
 
Te nemen stappen:
  • Grasmat kapot spuiten met Glyfosaat (0,05 liter per are).
  • Nadat het gewas goed is afgestorven, moet de grasmat goed kortgefreesd worden.
  • Na het frezen moet alles met de hand (bij kleine oppervlaktes) en machinaal (bij grotere oppervlaktes) gespit worden. Het machinaal spitten wordt normaliter gedaan met een grote of kleine hydraulische graafmachin.
  • Na het spitten moet alles aangedrukt/ aangelopen worden.
  • Als alles aangedrukt/aangelopen is, moet het geheel globaal ge‰galiseerd worden. Hiervoor is het handig om het veldje uit te zetten met een lange waterpas, of met uitzetapparatuur en piketten.
  • Na het egaliseren kan de basisbemesting aangebracht worden en worden ingewerkt middels frezen.
  • Hierna alles weer aanlopen/aandrukken en alles fijn afegaliseren.
  • Nu kunt u beginnen met het inzaaien met een graszaadmengsel naar uw keuze. Voor de hoeveelheid kunt u ca. 2,5 kg/are aanhouden.
  • Na het inzaaien alles netjes inharken en beregenen indien noodzakelijk.
Wat kunnen wij voor u betekenen
Uiteraard kunnen wij bovenstaande werkzaamheden en of adviezen nader voor u uitwerken en uiteraard zijn er nog meer methodes om een perfecte grasmat te krijgen. Wij kunnen u middels van tevoren aangereikte en gespecificeerde begrotingen inzicht geven in de door ons gebruikte methodes en kosten. Mocht u ons hiervoor opdracht geven, staan wij met onze vakmensen en hun ter beschikking staande machines tot uw dienst en zullen wij de werkzaamheden snel en effici‰nt voor u uitvoeren.

ZOMER:

tip: 10 meest gestelde vragen inzake vijvers

Vragen

1. Mijn vijver is groen. Wat kan ik hier aan doen?

2. Als ik een vijver maak, waar moet ik hem in de tuin plaatsen?

3. Wanneer weet ik of de kwaliteit van het vijverwater goed is?

4. Wat kost een vijver?

5. Hoeveel planten moeten er in mijn vijver?

6. Als ik veel vissen in mijn vijver wil, moet ik het water dan ook gaan filteren?

7. Hoe zie ik of mijn vissen ziek zijn?

8. Hoe kan ik in de winter mijn vijver ijsvrij houden?

9. Kunnen steuren in een vijver ook goed overleven?

10. Ik wil een koivijver maar waar moet ik aan denken?

Antwoorden

1. Mijn vijver is groen. Wat kan ik hier aan doen?

Als uw vijver groen is kan dit komen vanwege 2 algensoorten, namelijk: de draadalg en de zweefalg. Deze algensoorten moet u op verschillende manieren behandelen. Voor de draadalg moet u gebruik maken van draadalgenpoeder.

Dit zorgt ervoor dat de draadalgen op een biologische manier worden afgebroken. De zweefalgen daarentegen geven een licht groene gloed in uw vijver. Hierdoor is het water ondoorzichtig. Deze algen kunt u alleen te lijf gaan met behulp van een UVC. Het is namelijk onmogelijk om hem uit het water te filteren. De UVC (elektrisch apparaat) behandeld de zweefalgen met UV-licht. Hierdoor sterven de eencellige algen en kunnen ze via een filtersysteem uit het water verwijderd worden.

Let wel: de draadalg is ook een plant, zelfs een zuurstofplant. De enige reden om deze te bestrijden is gevaar voor het verstrikt raken van vissen (bv: steur) en het feit dat draadalg niet mooi is. Wat betreft de zweefalg: de bestrijding hiervan is voor het baasje, niet voor het visje.

2. Als ik een vijver maak, waar moet ik hem in de tuin plaatsen?

Aangezien een vijver vaak centraal staat in een tuin is het belangrijk de volgende punten in de gaten te houden. Ten eerste wilt u natuurlijk het hele jaar van uw vijver kunnen genieten. Dus ook als het winter is. Plaats daarom uw vijver het liefst in de buurt van uw woonhuis.

Zorg wel dat er weinig bomen en zeker geen naaldbomen in de buurt van uw vijver staan. Zij kunnen er namelijk voor zorgen dat het water verzuurd raakt door een overvloed aan organisch materiaal. De bomen, maar ook sterke rietsoorten en bamboes kunnen met hun wortels voor overlast zorgen. De temperatuur van het water kan flink schommelen afhankelijk van het aantal zonuren (6 tot 8 zonuren wordt als optimaal beschouwd.) Dit kan ervoor zorgen dat er een teveel aan algen ontstaat en uw vijverwater vertroebelt.

3. Wanneer weet ik of de kwaliteit van het vijverwater goed is?

De kwaliteit van het vijverwater kan gemeten worden. De waarden van het vijverwater betreffen: PH-, GH-, KH. En belangrijk voor koivijvers: de nitriet-, nitraat en ammoniak- waarden van het water. Om deze waarden te meten zijn er verschillende test-sets, strips verkrijgbaar.

PH: 7 - 7,5

GH: 10 - 14

KH: 6 - 10

4. Wat kost een vijver?

Deze vraag is moeilijk te beantwoorden. Omdat het sterk afhankelijk is van uw wensen en mogelijkheden in de tuin. Indien u hierover door ons wil worden ge‹nformeerd, vraag dan telefonisch of via e-mail een gratis en vrijblijvend gesprek aan.

Hierin kunt u ons uw wensen kenbaar maken en kunnen wij u meteen aangeven wat de mogelijkheden m.b.t. deze wensen zijn. Ook zou, indien gewenst, naar aanleiding van dit gesprek voor u een compleet ontwerp m.b.t. de vijver en omliggende tuin gemaakt kunnen worden.

5. Hoeveel planten moeten er in mijn vijver?

Voor het aantal planten in uw vijver moet er eerst onderscheid gemaakt worden tussen de volgende vijversoorten:

- In plantvijvers gebruikt men ongeveer 5 planten per kuub.

- Koivijver eventueel een waterlelie, vaak wordt er ook gebruik gemaakt van een plantenvijver in combinatie met een koikarpervijver voor de nodige verwerking van nitraten (plantenvoeding). Echter deze vijver ligt dan vaak hoger en los van de koikarpervijver.

- De tuinvijver: hierin wordt een evenwicht gecre‰erd tussen planten en vissen dus ongeveer 3 a 4 planten per kuub.

6. Als ik veel vissen in mijn vijver wil, moet ik het water dan ook gaan filteren?

Als u veel vissen in uw vijver heeft zult u door het voeren veel biomassa in uw vijver hebben. Het is dan voor de planten niet meer mogelijk om alle afvalstoffen in het water af te breken.

Hierdoor ontstaat er een te veel aan nitraat en nitriet in de vijver deze weer schadelijk zijn voor uw vijvervissen en koi. Om uw waterkwaliteit op peil te houden is het dan ook noodzakelijk om de overdaad aan voedingsstoffen uit het water te filteren. Er zijn verschillende filtersystemen te koop die in deze behoefte voorzien.

7. Hoe zie ik of mijn vissen ziek zijn?

Vaak kunt u al aan het gedrag van uw vissen zien of ze in conditie en dus gezond zijn. De eerste symptomen zijn dat de zieke vis afstand neemt van de overige vijvervissen en suf boven in het water zwemt.

Beschadigingen en andere huidaandoeningen zijn duidelijke aanwijzingen dat de vis niet in orde is. Als u dit constateert is er haast bij geboden om verdere uitbreiding en/ of vissterfte te voorkomen. U doet er verstandig aan om de zieke vis in quarantaine te plaatsen. Ook zijn er verschillende kuren te verkrijgen om visziektes te lijf te gaan.

8. Hoe kan ik in de winter mijn vijver ijsvrij houden?

Er zijn verschillende manieren om uw vijver ijsvrij te houden. De beste manier is via beluchting. Dit is een zelfde soort beluchting als die gebruikt wordt voor aquaria, echter in een zwaardere uitvoering. Vraag bij de vijverspecialist, met als gegevens de diepte en oppervlakte van uw vijver en soort vissen, welk type luchtmotor u het best zou kunnen gebruiken.

Let op: de meest ideale diepte van plaatsing van de luchtuitstromer, meestal een luchtbol, is niet dieper dan 50 a 60 centimeter. Dit om de daaronder gelegen lagen water in de vijver zo veel mogelijk met rust te laten voor een optimale overwintering van plant en dier. U kunt op deze manier elke vijver in elke winter ijsvrij houden.

9. Kunnen steuren in een vijver ook goed overleven?

De steur is een vis die van oorsprong uit Rusland, Hongarije en Roemeni‰ komt. Er bestaan meer dan 26 soorten steuren, waarvan er echter er maar enkele geschikt zijn voor de vijver. Zuurstofrijk water is zeer belangrijk voor het in leven houden van de steur. Ook heeft de steur genoeg ruimte nodig in de vijver om niet verstrikt te raken in planten of draadalgen.

10. Ik wil een koivijver, maar waar moet ik aan denken?

Bij de aanleg van een koivijver is het belangrijk om te weten dat de koi van oorsprong een planteneter is. Dit heeft tot gevolg dat er in een koivijver geen planten geplaatst kunnen worden, hooguit een waterlelie. Echter zal de vijver en het vijverwater verontreinigd raken door de koi. Het is dus noodzakelijk een koivijver altijd te filteren.

Tijdens de aanleg moet men hier al de eerste keuzes maken. Wil men een vijver met bodemafvoer (veel gebruikt) of plaatst men een pomp om de afvalstoffen naar de filter te pompen. De bodemafvoer zorgt voor een betere en makkelijkere afvoer van deze afvalstoffen. De diepte en omvang zijn van belang om de temperatuurverschillen op te vangen.

Ook de groei van de koi is afhankelijk van de omvang van uw vijver. Als de koi de ruimte krijgt zal hij ook zichtbaar groter worden. Door meer watervolume zullen ook de waarden van het water constanter blijven. Het water zal minder snel verontreinigd raken. Dit alles komt de conditie en dus de gezondheid van de vis ten goede. Een koivijver vraagt dagelijks aandacht, het hele jaar door.

 Tips voor de Vijver

Een goed aangelegde vijver heeft nauwelijks onderhoud nodig, alleen soms het teveel aan zuurstofplanten weghalen en eens per jaar eventueel bijmesten. Wel moet in de vijver gewaaid blad worden verwijderd. Doet u dit niet, dan ontstaat er een verkeerde verrotting, waarbij giftige moerasgassen kunnen vrijkomen Is het water groen of was het vorig seizoen al groen, dan zult u helaas helemaal opnieuw moeten beginnen. Wacht daarmee tot eind april.

In het algemeen kunt u de vijver het beste vullen met leidingwater. Gebruik nooit regenwater, dit is zacht en zuur. Omdat leidingwater niet de noodzakelijke micro-organismen bevat, zult u bij moeten mesten met maerl, zeker als de hardheid van uw water lager is dan 12. Maerl is een natuurproduct dat onder de naam Vijverschoon verkrijgbaar is. U kunt het beste de benodigde hoeveelheid in uw vuist doen en zo diep mogelijk onder water voorzichtig open doen, zodat de maerl naar de bodem gaat. Los het poeder niet op in een emmer water. Maerl mag maar ‚‚n keer per jaar worden toegevoegd, liefst in het voorjaar.

In water komen algen voor. Dit zijn microscopisch kleine plantjes die kleurloos zijn. Als de temperatuur boven ñ 8øC komt gaan deze algen voedsel opnemen uit het water. Als ze volgroeid zijn, kleuren ze in zuurstofrijk water groen en in zuur water bruin. Het vijverwater wordt dan ondoorzichtig. Omdat zuurstofplanten leven van dezelfde voedingstoffen als algen, is het dus noodzaak voldoende zuurstofplanten in de vijver uit te zetten, zodat de algen minder voedsel op kunnen nemen en dus ook niet meer kunnen groeien en daardoor niet meer kunnen kleuren.

Hortensia's drogen

Na de bloei, in de nazomer, beginnen de bloemen van de meeste hortensia's te drogen. De kleur wordt donker, groenig. Dit is het moment om de bloemen weg te snoeien en te drogen.

Enkele tips:

  •  Snoei de bloemen best op een droge zonnige dag. Wacht niet tot 's avonds.
  • Verwijder de bladeren van de stengels.
  • Hang de bloemen op een droge, warme en donkere plek.
  • Droogmanieren:
  • Door de afgesneden takken ondersteboven te hangen op een droge warme plek drogen ze mooi in(niet in de zon !)
  • Een andere mogelijkheid is de bloemen met stengel in een bakje of vaas met een klein bodempje water te plaatsen. Vul het water niet meer bij en laat de stengels rustig staan.
  • Of zet de stengels in een vochtige oasis-blok. Laat de blok verder uitdrogen.
  • Je kan de bloemen ook zonder stengels afknippen en drogen door ze op kranten te leggen of in een bakje met een laagje droog zand. Zet ze op een warme, donkere plaats.
  • Wil je de bloemen drogen en hun kleur behouden, dan snij je de bloemen af zonder stengel en leg je de bloemen op hun kop in een bakje met zand (bijvoorbeeld fijn zand dat je in de dierenspeciaalzaak kan kopen). Bedek de bloemen zachtjes met het zand. Het zand zal vocht onttrekken aan de bloemen.

     Herfstbloeiende bloembollen planten

    Wie in het najaar bloei wenst in perken of tussen bodembedekkers kan nu herfstbloeiende krokussen en Colchicimbollen planten.

    • Colchicum of herfsttijloos bloeit van september tot en met november met lila bloemen. Colchicum autumnale behoort tot de leliefamilie. De bloemen lijken heel sterk op deze van de crocus. Het verschil zit hem in de meeldraden. Herfsttijloos heeft 6 meeldraden terwijl de herfstcrocus er 3 heeft.

    Standplaats: plant de bollen op een diepte van 10cm in vruchtbare grond die vrij vochthoudend is op een zonnige, warme plaats. De bloemen komen het best tot hun recht als ze bijvoorbeeld tussen een bodembedekker staan zoals vinca minor (maagdenpalm), alchemilla (vrouwenmantel) of andere laagblijvende soorten (aangezien de plant slechts 15-20cm hoog wordt). Prima geschikt voor verwildering.

    Opgelet: het is een bijzonder giftige plant (bevat colchicine).

    • Crocus. Ook herfstbloeiende krokussen moeten nu geplant worden. Ook deze planten komen het best tot hun recht tussen bodembedekkers of als onderbeplanting bij heesters. Zet ze in grote groepen bij elkaar op een zonnige plek. Groeit in vrijwel elke tuingrond die niet te vochtig is.

    Enkele soorten:

    • C.cartwrightianus: Griekse soort die lilapurper bloeit ('Albus' is de witte vorm. Bloeit in september/oktober
    • C.kotschyanus: (C.zonatus) Turkse soort die veel wordt gekweekt. Bloeit als ‚‚n van de eersten in het vroege najaar met zachtblauwe lila bloemen. Goed voor verwildering.
    • C.sativus Dit is de mooie soort die saffraan levert. Bloeit in oktober met lilapaarse bloemen. Houdt van kalkgrond
    • C.serotinus. Bekendste soort die uit Portugal afkomstig is. Donkerlila bloemen in oktober/november. Geurend. Heel geschikt voor verwildering. 

    Gazonproblemen

    Vooral pas aangelegde gazons kunnen nogal eens last hebben van insectenlarven die aan de wortels van het gras knagen, waardoor er gele en later bruine plekken ontstaan. Als er midden in de zomer bruine vlekken in het gazon verschijnen ligt de oorzaak bij emelten. Emelten zijn de larven van de langpootmug. Ze leven in de grond en vreten aan de wortels en de stengelbasis van het gras. Als er veel larven per m2 voorkomen gaat het gras wegkwijnen en afsterven en ontstaan er kale plekken waar zich makkelijk onkruiden zoals zuring en paardenbloem gaan vestigen.

    Emelten kunnen bestrden worden door de aangetaste stukken gazon onder water te zetten en af te dekken met zwarte plasticfolie. Hierdoor komen de emelten naar de oppervlakte en kunnen ze simpelweg worden weggenomen.

    Als er in het gazon echt stukken los komen te liggen ligt de oorzaak bij engerlingen (spekmaden). Dit zijn de larven van de mei- en junikever. Engerlingen leven twee tot vier jaar ondergronds waar ze zich voeden met graswortels, voordat ze zich tot kever verpoppen. Bestrijden van deze soort is zeer moeilijk, raadpleeg hiervoor uw vakman.

    Tuintips augustus

    • Planten in potten zoals buxus en hosta hebben aan een regenbuitje niet genoeg. Het grote of dichte blad wordt door regen wel nat, maar de aarde in de pot zal vaak droog blijven. Check daarom steeds of de planten niet te droog staan. - Snoeiheet!!! Wacht daarom met snoeien van hagen, buxus en coniferen tot de ergste hitte voorbij is.
    • Vergeet niet, als het ooit weer gaat regenen, dat het gazon dan wel weer wat mest kan gebruiken.
    • Als lavendel is uitgebloeid, kunt u dit struikje een stukje terugsnoeien. Zo voorkomt u dat het kruid te bossig wordt en uit elkaar valt.
    • Augustus is een prima maand om voor de laatste keer dit seizoen buxus te snoeien.
    • Dahlia''s bloeien langer door als ze steeds geplukt worden. Ook wat mest stellen ze zeker op prijs.
    • Hemelsleutel is een prachtige borderplant die nu begint te bloeien. Het is een echte vlinderlokker en kan ook in een pot op het terras of het balkon worden gezet.
    • Bladeren die voor een druiventros hangen, kunnen worden weggeknipt. Zo kan het zonlicht optimaal de druiven bereiken.
    • Planten die over de randen van het gazon hangen, kunt u v¢¢r u gaat maaien tijdelijk naar achteren duwen. Dit gaat heel makkelijk met bamboestokken die u kruislings voor de planten in de aarde steekt.
    • Een nieuw gazon? Het is nu een prima tijd om het aan te leggen. De nachten zijn nog warm en graszoden zullen snel aanslaan en graszaad zal snel kiemen.
    • Uitgebloeide vaste planten kunt u vermeerderen door de pol te delen en de 'nieuwe' pollen weer te planten. De planten hebben ruim voldoende tijd om voor de winter te wennen aan hun nieuwe plek.
    • Augustus en september zijn de maanden om groenblijvende heesters en groenblijvende hagen te planten.
    • Pluk bloemen uit de tuin 's morgens vroeg en zet ze zo snel mogelijk in het water met snijbloemenvoedsel. Laten ze het mooie hoofd hangen? Wikkel ze in een krant en zet ze diep in het water. Daar frissen de bloemen zienderogen van op.

      tip: bloembollen planten. Wanneer bloembollen planten?

      Bloembollen die in het voorjaar zullen bloeien, worden in het najaar geplant. Bij voorkeur in een periode die ligt tussen einde september en op z'n laatst in december. Hoe vroeger de bolgewassen geplant worden, des te eerder zullen ze wortelen en spruiten ontwikkelen. De grond is aan het begin van de herfst nog een beetje warm. Ze zijn daardoor ook beter bestand tegen vorst in de grond. Bij zeer strenge vorst kan de grond tot wel dertig centimeter diepte bevriezen. Plant geen bollen wanneer de vorst al in de grond zit of wanneer deze kletsnat is.

      tip: winterbeurt van uw tuin

      De nazomer is bij uitstek het moment om je te bezinnen op eventuele noodzakelijke veranderingen in en aan een border met vaste planten. Een goede tuinier maakt de balans op van het kleurenpalet, de uitval van planten en van de vitaliteit van de verschillende geslachten en vari‰teiten, zoals die in een afgelopen groei- en bloeiseizoen zich toonden.

      Half augustus tot en met oktober is het meest geschikte seizoen om vaste planten te hergroeperen, te verjongen of een andere plaats in het schouwtoneel te geven.

      Experimenteren is noodzakelijk. Vallen en opstaan om ervaringen op te doen met de juiste plant op de juiste plaats. Wat zich bij iemand in Groningen voordoet als een fantastische plant op de kleigrond kan in eigen tuin op het zand een regelrechte mislukking zijn geworden. Ondanks de met mondjesmaat bijgevoegde informatie op het etiket bij een vaste plant kunnen nu net die omstandigheden in uw tuin er niet zijn die het gebruik van een soort haast onmogelijk maken.

       Belangrijk in oktober

      Deze maand kunnen de meeste fruitbomen worden geplant en veel groente-gewassen kunnen deze maand worden geoogst. Let op met ziekten en plagen.

      De snoei-agenda

      Rozen: wintersnoei houdt in dat alleen de hele lange takken gesnoeid worden, zodat deze bij harde wind niet loswaaien. Knip de rozenbottels uit de hybride rozen, gebruik de bottels voor een herfstboeket met de laatste bloemen uit de tuin ertussen.

      Fruitbomen: als al het blad van de bomen is kan er met het snoeien begonnen worden.

      Sierbomen: ook de andere bomen zijn nu al hun blad kwijt en mogen worden gesnoeid.

      Bessen: de oudste takken helemaal wegknippen. Gebruik hiervoor een takkenschaar.

      Druif: de druif mag flink aangepakt. In het voorjaar is de kans op 'bloeden' te groot.

      Weghalen van onkruid

      Onkruid groeit ook bij lage temperaturen nog lang door, bloeit en zaait zich nog uit. Als je ze nu hun gang laat gaan, heb je daar volgend jaar spijt van. Zit je op kleigrond dan moet je die nu spitten. Klei moet kapot vriezen om lekker rul te worden. Zandgrond hoeft pas in het voorjaar gespit te worden.

      Blad weghalen

      Zorg dat er geen afgevallen blad op het gras en andere groene planten blijft liggen. Daaronder kan het vrij snel gaan rotten en dat kun je beter niet hebben. Haal het blad dus regelmatig weg. Eigenlijk zit dat blad vol vruchtbare stoffen, dus als je een compostcontainer hebt, kun je het daar in doen. Maar nog beter: doe het in een plastic zak, stamp de inhoud als de zak vol is goed aan, sluit af en laat de zak een jaartje staan. Na die tijd heb je de mooiste bladaarde die je je maar kunt bedenken.

      Afgevallen blad van fruitbomen opruimen via de GFT-container. Aan dit blad zitten vaak ziektekiemen, die voor veel ellende kunnen zorgen.

      Dood hout weghalen

      In bomen en heesters zit na een heel groeiseizoen meestal wel dood hout (dode takken). Bij bladverliezende soorten kun je die nu mooi zien zitten. Snoei ze er netjes uit, dat scheelt weer schimmelaantastingen.

      Snoeien

      Een algemene regel: doe in principe niets aan de tuin als het vriest. Je mag hooguit bescherming tegen de vorst aanbrengen. Voor snoeien geldt dat ook. Je kunt in deze tijd van het jaar van alles snoeien, maar doe dit niet als het vriest. Snoei altijd zo dat het model van een boom of heester behouden blijft. Snoei geen struiken die vroeg in het voorjaar bloeien, want die hebben nu al hun bloemknoppen aan hun takken zitten. Als je die wegsnoeit, heb je in het voorjaar dus geen bloemen.

      Je moet dus goed weten met welke planten je te maken hebt. Natuurlijk kun je takken waar je last van hebt altijd wegsnoeien. Als bomen of struiken te hoog worden en geven ze te veel schaduw, dan kun je die nu heel goed toppen. Blijf van de coniferen af! Als je die nu gaat knippen, hebben ze nauwelijks de gelegenheid om van die ingreep te herstellen en zullen ze de hele winter dat wat lelijke, pas geknipte uiterlijk blijven behouden. Snoei heideplanten pas in het voorjaar, heide wordt vorstgevoeliger door snoei.

      Op dit moment moet je Ceanothus, Hortensia en rozen niet snoeien. Wat je wel kunt snoeien zijn: Berk, Esdoorn, Walnoot en Druif. Snoei je deze soorten pas na half januari, dan kunnen ze geweldig gaan bloeden en zelfs doodbloeden.

      Gras maaien

      Je moet het gras blijven maaien tot het niet meer groeit. Je moet voorkomen dat het gras te lang de winter in gaat. Het kan dan namelijk gaan liggen rotten. Gras groeit vanaf 6øC, dus zolang het warmer is, blijven de sprieten groeien. Maai nooit op bevroren gras, wacht altijd tot het ontdooid is. Loop er ook liever niet overheen als het bevroren is, dat kan later bruine plekken geven. Maai het ook niet te kort: 3cm voor siergras en 4cm voor speelgazon.

      Planten en verplanten

      Het is nu een prima tijd om bladverliezende bomen en heesters te planten. Maak altijd eerst een flink plantgat, waar de wortelkluit royaal in past en plant niet dieper dan de struik of boom in zijn pot stond.

      Rozen kunnen nu ook prima geplant worden. Voordat je dat doet moet de grond diep gespit zijn (zeker 60cm) en heel veel voedsel door de grond gemengd zijn. Plant nooit een roos waar er al een gestaan heeft. Als je een rozenperk wilt maken, zet dan de grootbloemige rozen (theehybriden) 50cm uit elkaar, minirozen 20cm, klimrozen 2 tot 3m, stamrozen 125cm en botanische rozen (heesterrozen) 150cm.

      Tuintips september

      • Wacht met het verticuteren en beluchten van het gazon tot de grond na langdurige regenval weer wat droger is.
      • Dit is uw laatste kans om tweejarigen te verplanten. Ze kunnen dan nog voordat de eerste nachtvorst invalt op deze standplaats nieuwe wortels maken. Verplant u ze later dan is hun overlevingskans kleiner.
      • Een lege plek in de border of nog wat potten over voor bloeiende planten? Stap dan naar het tuincentrum of de kweker. Daar vindt u de planten die nog weken zullen bloeien, zoals aster, Sedum en herfstanemoon.
      • Tomaten rijpen beter, wanneer de zon er vol op schijnt. Verwijder daarom de bladeren die schaduw op de tomaten werpen.

        Tuintips oktober

        • Kuipplanten kunnen nu naar hun winterverblijf. Controleer of er geen slakken in of onder de pot zitten.
        • Het is niet meer zo koud, maar laat je niet door de vorst verrassen. Sluit alvast het buitenkraantje af, leg een ijsvrijhouder in de vijver en zet vorstgevoelige planten zoals laurier op een beschutte plek.
        • Het blad begint nu te vallen, check daarom steeds of de goten niet verstopt raken. Leg om het blad op te vangen een net over de vijver.
        • Zet ook eens hyacinten op glas. Vul hiervoor een hyacintenglas met water. Zorg dat het water net de bol niet raakt. Zet het glas in een donkere, koele kast. Rond kerst gaan ze dan in de woonkamer bloeien.
        • Vogels zijn dol op zaden. Laat daarom zonnebloemen ook als ze zijn uitgebloeid in de tuin staan. Ook kunt u de bloemen met de zaden kort afknippen en voor de vogels neerleggen.
        • Voor een plek met schaduw zijn varens een uitkomst. Er zijn zelfs soorten die in de winter hun blad behouden zoals de naaldvaren (Polystichum setiferum).
        • Bind nu de herfst flink van zich laat spreken klimplanten en klimrozen goed vast.
        • Nu het eerste blad gevallen is, kunt u een gedeelte bewaren in manden. Zet de manden op een droge plek en gebruik dit blad als winterdek voor planten die extra beschermd moeten worden. Neem deze maatregel pas als er vorst voorspeld wordt.
        • Plant ook wat bloembollen in potten en bakken. U kunt zelfs in ‚‚n pot meerdere soorten kwijt. Plant laatbloeiende soorten zoals tulpen het eerste. Dek de eerste laag bollen af met potgrond, leg daarop een laag krokusbollen en bedek die ook weer met grond.

          WINTER:

          tips: vorst Vliesdoek

          Houd bij vorst een rietmat om planten zoals de vijg te beschermen bij de hand. Handig is vliesdoek dat u als bescherming over een plant kunt leggen.

          Kerstgroen

          Bewaar na de kerstdagen wat takken van de kerstboom en ander kerstgroen. Gebruik deze takken om rond planten te leggen die tegen de kou moeten worden beschermd.

          Sterke kuipplanten

          Sterke kuipplanten (Camelia, aardbeienboom, dwergpalm, vijf, laurier, olijf en Pittosporum) kunt u tot min 5 graden probleemloos buiten laten staan, maar als de vorst aanhoudt of strenger wordt, moeten zij alsnog naar binnen. Zet ze zodra de kansen op strenge vorst verkeken zijn weer buiten. De planten zullen zo veel harder worden, hun diep groene bladkleur behouden en vroeger in het seizoen gaan groeien en daardoor beter in de bloei komen te staan.

          Kuipplanten

          Je moet zorgen dat de grond in de potten in de winterberging iets vochtig blijft. Planten die hun blad hebben laten vallen moet je minder water geven dan de groenblijvende, maar de potkluit mag nooit helemaal uitdrogen. Soorten als geraniums en fuchsia's kunnen dus vrij droog staan. Als het buiten zacht weer is, kun je de overwinteringsruimte lekker luchten. Frisse lucht is altijd goed. Pas op voor aantastingen. Vooral dopluis en wortelluis kunnen plotseling heel vervelend en massaal optreden. Dopluis zie je als kleine schildjes op de twijgen. Onder die schildjes zitten de luizen. Aanstippen met spiritus is dodelijk voor ze. Bij wortelluisaantastingen worden de bladtoppen bruin en er valt blad af. De luizen zitten als witte puntjes aan de wortels. Bestrijd ze met een geschikt middel (te koop in het tuincentrum). Als je de trotse bezitter van een verwarmd hobbykasje of een serre bent, heb je het helemaal voor elkaar. Dan gaat je groene hobby gewoon door.

          Tulpen

          Als er al vroege tulpen bij je in februari opkomen, bij zacht weer kan dat gemakkelijk, is het verstandig om een laagje turfstrooisel tussen en rond die planten te strooien. Ze zijn namelijk vrij gevoelig voor vorst en zon. Als je je bolgewasjes al eerder een dikke deken hebt gegeven, is dat niet nodig.

           tips: snoeien Rozen

          Snoei uw struik- en stamrozen bij vriezend weer pas eind maart.

          Bladverliezende hagen

          Bladverliezende hagen (dus niet: coniferenhagen) die de maat die je wilt al hebben bereikt, worden ondanks de snoei in de zomer ieder jaar en paar centimeter groter en breder. Als je daar wat aan wilt doen, kun je zo'n haag eens in de vijf jaar zo'n 20 tot 30 cm terugsnoeien. Dat kun je in deze periode doen als het zacht weer is - het mag niet vriezen - anders wachten tot het vroege voorjaar. Vaak moeten er bij zo'n klus flinke takken worden gesnoeid. Zonder takkenschaar (met van die lange handvatten) of snoeizaag kom je dan niet ver.

          Fruitbomen

          Heb je fruitbomen, dan is het in januari tijd om die te snoeien. Dat bevordert de gezonde groei en vruchtvorming. Haal eerst de zogenaamde 'waterloten' weg. Dat zijn lange scheuten die vorig jaar uit de stam of uit de bovenkanten van de dikke takken kunnen zijn gegroeid. Zulke scheuten dragen geen vrucht. Haal ook elkaar kruisende of langs elkaar schurende takken weg. Snoei de kroon 'open'. Er moet licht en lucht in kroon kunnen doordringen.

          Uit de stam groeien de sterke gesteltakken. Daaraan zitten de draagtakken vol vruchthout. Meestal zijn dat horizontale takken. Afgedragen (oud) vruchthout hangt vaak naar beneden. Knip die weg tot op een eenjarige nieuwe scheut die als vervanger dienst gaat doen. Snoei nooit te veel tegelijk weg! Eenjarige scheuten kun je wat inkorten. Dat maakt ze straks minder gevoelig voor meeldauw.

          Klim- en leiheesters

          Een aantal klim- en leiheesters kan in de winter goed worden gesnoeid. Over het algemeen moet je dat niet overdrijven, dus snoei alleen wat nodig is. Bij de winterjasmijn kun je nu goed zien welke takken wat uitgebloeid raken. Die kun je nu tot op een jonge scheut terugsnoeien. Ook de kamperfoelie kan wat worden uitgedund. Knip bij Clematis montana nu alle dode en loshangende takken weg. De lange scheuten van blauwe regen die vorig jaar zijn gegroeid, kunnen ook flink worden ingekort. Ook lei- of klimrozen kun je snoeien. Klimrozen maken elk jaar kale, lange takken. Die scheuten bloeien nog nauwelijks. Maar het jaar erop vormen die lange scheuten korte zijtakjes en die gaan wel rijk bloeien. Na een aantal jaren is zo'n tak verouderd en gaat minder bloeien. Van zulke oude, afgedragen takken kun je er nu een paar diep wegsnoeien, natuurlijk alleen als er voldoende mooie sterke, jonge vervangers zijn. Bind alle takken netjes aan en geef je rozen meteen een flinke portie speciale rozenmest. Dan zullen ze weer prima bloeien.

          Klimop

          Veel mensen hebben er een hekel aan als de klimop in de zomer zijn oude blad laat vallen. Dat gebeurt onherroepelijk als je dat nu niet voorkomt. Je kunt het oude blad er nu al af knippen. Door klimop te knippen blijft het ook mooier compact tegen de muur of schutting zitten.

           tips: planten en verplanten Verhuizing

          Wanneer u bij uw verhuizing een aantal planten uit uw oude tuin wilt meenemen, kunt u het beste de desbetreffende planten een paar maanden van tevoren uit de tuin halen en deze in potten plaatsen. Let erop dat u bij deze overplaatsing niet teveel wortels beschadigd. Zorg verder voor een goede drainage in de potten, geef de planten bij droogte voldoende water en zet ze bij voorkeur in de (half)schaduw.

          Bodembedekkers

          Bodembedekkers zijn een goede keus. Dit soort planten voorkomt uitdroging van de bodem en beschermt het leven in de bovenste laag. Onkruid wordt tegengaan en u hoeft in de zomer minder te sproeien.

          Eigen geraniums

          De meeste mensen zullen over een paar maanden jonge plantjes kopen, maar als je het leuk vindt om je eigen geraniums (Pelargonium) op te kweken, kun je die in februari in bakken zaaien. Zaai ze in zaaibakjes onder een doorzichtig deksel of in potten die je met doorzichtige plastic zakken afdekt. Zet ze lekker warm op de vensterbank in de kamer of op een andere warme, lichte plek. De zaaigrond wel vochtig houden natuurlijk.

          Je moet ze na opkomst een keer verspenen (in aparte potjes overplanten). Na half mei kunnen ze naar buiten. Er is zaad te koop van allerlei mooie sterke F1-hybriden.

          Verplanten

          Als het niet vriest en er ook geen vorst in de grond zit, is dit een prima periode om struiken te planten en te verplanten. Steek heesters die je wilt verplanten rondom los. Zorg dat de kluit voldoende groot is (veel grond rond de wortels). Maak een ruim plantgat op de plek waar je de plant wilt hebben en sleep hem daarheen. Meng lekker veel organisch materiaal door de grond in het plantgat en plant de struik even diep in als hij op z1n oude plek stond. Trap de grond rond de wortels goed aan en geef royaal water als de grond wat droog lijkt. - Als het niet vriest en er ook geen vorst in de grond zit, is dit een prima periode om struiken te planten en te verplanten. Steek heesters die je wilt verplanten rondom los. Zorg dat de kluit voldoende groot is (veel grond rond de wortels). Maak een ruim plantgat op de plek waar je de plant wilt hebben en sleep hem daarheen. Meng lekker veel organisch materiaal door de grond in het plantgat en plant de struik even diep in als hij op z1n oude plek stond. Trap de grond rond de wortels goed aan en geef royaal water als de grond wat droog lijkt.

          tips: algemeen
           
          Regenwater

          Veel kamer- en kuipplanten hebben liever regenwater dan water uit de kraan. Vul buiten een gieter met water uit de regenton en laat het water op kamertemperatuur komen,voordat het u het aan de planten geeft.

          Bewaar na de kerstdagen wat takken van de kerstboom en ander kerstgroen. Gebruik deze takken om rond planten te leggen die tegen de kou moeten worden beschermd.

          Schoonmaakkriebels

          In de lente last van schoonmaakkriebels? Algen op het terras zijn te verwijderen met een stevige bezem en heet water. Schrobben met zand of groene zeep kan de klus vergemakkelijken.

            Gereedschap

            Gereedschap goed opbergen. Maak alle gereedschappen goed schoon, schuur metalen delen zonodig en vet ze in. Roest is met een staalborstel te verwijderen. Laat alles wat scherp moet zijn slijpen: snoeimessen, heggenscharen, de messen van een messenkooimaaier, je bijl enzovoort. Bewaar het gereedschap op een normaal droge, onverwarmde plek. Dan drogen houten delen niet uit en loop je minder kans dat volgend jaar je hark- of schopsteel plotseling breekt met als gevolg extra kosten.

             

             
            Achterstaat 29, 5266 AR Cromvoirt. Tel. 0411-647020. Sitemap. k.van.hattum@jvaneschbv.nl. Inloggen